Deze wandeling is er eentje die eigenlijk al bijna 6 jaar op mijn to do lijstje staat maar er nog niet van gekomen was omdat de beschrijving overal zo onduidelijk leek. Ik verkies rondwandelingen waarbij je vertrekt van punt A en na je hike terugkomt bij punt A. Deze wandeling is anders maar eens je het hebt uitgeprobeerd denk je: ‘Aaaah, zo, natuurlijk, easy.’ Dat gevoel heb ik wel vaker. Een uitstap, hike of activiteit uitschrijven is niet zo gemakkelijk als het lijkt. Al doende leert men is een toepasselijke uitdrukking hier.
We reden van Zürich naar Beckenried wat een klein uurtje rijden is. In Beckenried is een grote parking voorzien in de Kirckweg 27. Je betaalt er CHF5 voor een hele dag. Aan de kassa’s kan je een Wandertageskarte kopen (en dat verklaarde voor ons ineens hoe de dag er verder zou uitzien) voor CHF21 met Halbtax. Kinderen onder 10 jaar mogen gratis reizen daar. We bekeken ons kaartje en zagen: ‘Inkl. Postauto zw. Beckenried Post und Emmetten Post oder umgekehrt’. Ahaaa, je vertrekt dus in Beckenried en komt aan in Emmetten (of omgekeerd) en je busticket is inbegrepen om het stukje tussen beide dalstations te overbruggen. Dit is dan dus een Aha-Erlebnis.
Wij gingen vlot naar boven met de kabellift in Beckenried. Toen we boven aankwamen waren we het eerste moment een beetje teleurgesteld. Een groot gebouw, nl. Berggasthaus KlewenStube verstoort de charme een beetje. Daarnaast stonden er, wellicht tijdelijk, ook enkele bouwkranen. Niet meteen een wow-gevoel dus.
De Goldi-Gwundernasenweg die wij wilden wandelen is 5.4 km lang met een 75m stijgen en een 390m dalen. Deze wandeling is een themaweg en daardoor dus ideaal voor gezinnen met jonge kinderen. Er is zelfs een afsplitsing voor kinderwagens omdat het andere stuk nogal oneffen is. Wij namen het oneffen pad maar misschien zou ik een volgende keer wel voor het kinderwagenpad durven kiezen want nu heb ik vooral naar mijn voeten gekeken ipv het mooie uitzicht op dat stuk.
Onderweg zijn enkele activiteiten voor de kinderen die wij mooi links lieten liggen. Het berglandschap is heel mooi en je waant je echt wel even weg van de bewoonde wereld. Ik kan me wel voorstellen dat deze wandeling voor families of vriendengroepen met kinderen zeker een aanrader is. En wat voor deze doelgroep absoluut het hoogtepunt is, is de reuze speeltuin op het einde van de wandeling in Stockhütte. Plezier verzekerd.
Daar was het uitzicht op de Vierwaldstättersee wel ongelooflijk de moeite waard. Het azuurblauwe water in contrast met het frisgroene gras en de magische bergtoppen is adembenemend. Conclussie: starten in Beckenried is ideaal omdat je dan minder moet klimmen en vooral afdaalt en de apotheose qua uitzichten is vooral onderweg en bij het eindpunt. Voor de mensen die liever wat extra uitdaging zoeken qua hoogtemeters is Emmetten – Beckenried een zeer goed alternatief. Er is trouwens ook een leuk aanbod om van Stockhütte naar Emmetten te gaan, nl. met een Bikeboard (soort step). Voor mensen met tieners eventueel een mooie beloning want die zullen de speeltuin al wat ontgroeid zijn.
Wij namen het kleine gondelliftje in Stockhütte dat ons, samen met fantastische views, terug naar beneden bracht. Aangekomen in het dalstation in Emmetten word je meteen verrast door een klein toeristenwinkeltje waar je huisgemaakt vers brood kan kopen. Ideaal, zo hadden we meteen een lekker broodje mee naar huis. Er is ook een Volg supermarkt (ook geopend op zondag) waar je eventueel nog een fris drankje kan kopen terwijl je wacht op de bus die je terug richting Beckenried brengt (zoals hierboven beschreven is deze bus dus ook inbegrepen bij je Wandertageskarte). Houd er rekening mee dat wanneer je rond 16 uur terugkeert de bus wel snel vol raakt. De bus rijdt elk halfuur. Opgelet: je neemt de bus richting Beckenried, niet de bus richting Seelisberg!
Ik ben heel blij dat ik Klewenalp na meer dan 6 jaar dan toch heb bezocht en we waren aangenaam verrast. Zeker een ideale uitstap in groep of met het gezin maar je hoeft geen angst te hebben dat je als volwassene teveel het gevoel hebt dat je op een kinderwandeling terecht bent gekomen. Voor ieder wat daar.
En dan nog een klein extraatje voor wie het zweet nog even wil afspoelen. In Beckenried vind je Strandbad Beckenried met een zwembad, kinderbad, ligweide, toegang tot het meer met springplank en een eet- of drinkgelegenheid. De toegang tot het strandbad is gratis. Ze vragen alleen om geen picknick mee te brengen maar, indien je dat wil, daar iets te verbruiken. Fair lijkt me dat. Er is een parking bij het Strandbad en het adres is: Strandbad 1… hoe toepasselijk.
Ik zit in mijn Altstadt fase denk ik. Nee, mijn volgende tripje is ontstaan door ons vorig bezoekje aan Aarau Altstadt en toevallig de dag nadien een tipje van een Amerikaanse dame die ik ooit leerde kennen op een hike hier. Zij inspireerde mij door de mooie parapluutjes in Olten te fotograferen. Mijn amateur fotograafhart maakte een sprongetje bij het zien van die prachtige kleuren.
Olten ligt ergens halverwege tussen Zürich en Bern en behoort tot het kanton Solothurn, een kanton waar we eigenlijk niet zo vaak komen. Voor wat achtergrondinformatie neem ik jullie weer even mee naar mijn welgekende bronnen:
Olten ligt aan de zuidelijke voet van de Jura aan de rivier de Aare. Door de centrale ligging in het Zwitserse Mittelland is het stadje een populaire locatie voor congressen en conferenties. Het stadje staat ook bekend om het Zwitserse Schrijverspad en de oude binnenstad. (Bron: myswitzerland.com)
Het wapenschild van Olten ziet er als volgt uit en laat net dat de inspiratie zijn voor de parapluutjes in de Kirchgasse. De paraplu’s hebben namelijk dezelfde kleuren als het wapenschild.
Ik ben deze keer met de trein vanuit Thalwil naar Olten geweest. Ik kon een rechtstreekse trein nemen die er zo’n 50 minuten over deed. We stonden wel 10 minuten stil in Zürich zelf maar ik hou er van om niet meer te hoeven overstappen en me met een koffietje gezellig te nestelen in de zetels van de trein. Reizen met de trein was vroeger in België niet meteen mijn lievelingsbezigheid. Ik heb mijn hele middelbare school periode moeten rennen van school naar het station omdat we slechts 1 trein per uur hadden en die 7 minuten eigenlijk onhaalbaar waren maar we met de hele ‘bende van Lichtervelde’ toch hijgend en puffend op de trein sprongen. Ik heb dat hier in Zwitserland moeten leren loslaten want toen we hier pas woonden bezorgde reizen met de trein me nog steeds een soort stresspiek (en mijn huisgenoten gaan nog steeds zeggen dat ik altijd véééééél te vroeg vertrek richting station maar dat is nu eenmaal de aard van het beestje vrees ik). Maar ondertussen vind ik het openbaar vervoer nemen eigenlijk zalig. Alles wijst zichzelf uit hier en toevallig of niet maar als je uit het station komt, staat net die bus klaar die jij moest nemen of rijdt de tram met het juiste nummer net voorbij om je op te pikken. De SBB-app (Schweizerische Bundesbahnen) is ondertussen mijn meest gebruikte app op de telefoon denk ik.
En in Olten bleek het ook niet anders. Ik stap uit de trein, volg de meute (West-Vlaams voor menigte 🙂 ) en wat blijkt: het pijltje ‘Stadtzentrum’ leidt me meteen richting de rivier de Aare en de houten brug richting Altstadt Olten. Niks moeilijk, niks Google maps nodig zelfs.
Deze keer kan ik jullie geen parkeertips geven want mijn allerliefste chauffeur was tijdens een weekdag helaas niet beschikbaar om mee te gaan ontdekken. Maar ik ben ervan overtuigd dat je buiten de oude stad zeker wel parkeergelegenheid zal kunnen vinden.
Zoals ik hierboven al schreef, leidde de rivier de Aare me naar de oude houten brug over het water en kwam ik via die houten brug meteen het oude stadscentrum binnen. Kleurrijke huisjes, hier en daar wat muurschilderingen, gezellige hoekjes en kleine straatjes, een prachtige kerk en toren trokken meteen mijn aandacht en mijn fotograaf-oog. De prachtige gekleurde paraplu’s lieten dan ook niet lang op zich wachten.
Ik volgde geen kaart maar liet me gewoon verrassen. Je hebt ook meteen door wanneer je de oude stad verlaat en veel kan je niet missen. Ik zag wel dat alle winkeltjes gesloten waren en dat op een donderdag. Tot het me te binnen viel dat 4 juni in enkele kantons een wettelijke en katholieke feestdag is, nl. Sacramentsdag. Daar had ik natuurlijk geen rekening mee gehouden want in kanton Zürich moest er die dag wel gewerkt worden en waren de scholen gewoon open.
Tijdens mijn wandeling doorheen de stad deed ik wel een andere fijne ontdekking. Langs de rivier de Aare zag ik een terras en… een heel openlucht zwembadcomplex met kleurrijke glijbanen, een soort kasteel voor de kinderen maar ook een prachtig baantjeszwembad waar de gepensioneerde Oltenaar op dat moment gezellig baantjes aan het trekken was. Nog een reden dus om zeker terug te komen. En waren de winkels open geweest dan had ik misschien niet aan de verleiding kunnen weerstaan om een badpak te kopen (een mens heeft toch nooit genoeg zwemkledij, niet?) en het water in te duiken.
In plaats van een baantje te trekken, ben ik het terrasgedeelte van het zwembad binnengegaan rond lunchtijd. Je kan daar binnen zonder een ticketje voor het zwembad te kopen en er is een soort self-service restaurant waar je zowel koude als warme gerechten en allerlei drankjes kan kopen. Ik heb me op een mooi plekje op het terras geïnstalleerd met enerzijds zicht op de Aare en anderzijds zicht op het zwembad.
Voor ik terug richting het station liep, moest ik nog 1 opdracht vervullen. Tijdens mijn ontdekkingstocht die ochtend had ik gezien dat er in Olten ook een Kalte Lust gelateria is (daar waren we de week voordien in Aarau ook gestopt voor een heerlijk ijsje). En dus kon ik niet anders dan hier een soort traditietje van te maken. ‘Eine Kugel Kaffee Glace im Becher, bitte.’
Rijd je de komende maanden door Zwitserland en wil je de wachtrij aan de Gotthard tunnel inruilen voor een half dagje sluieren in een charmant stadje? Woon je in Zwitserland en ben je nog nooit in Aarau geweest of kom je bij ons op bezoek en wil je je laten verrassen door de charme en authenticiteit van dit plekje? Top, dan ben je op het juiste adres.
Even weer wat informatieve achtergrond:
De Altstadt van Aarau (de historische binnenstad) is een van de best bewaarde en meest unieke historische centra van Zwitserland. Het middeleeuwse stratenplan is grotendeels intact gebleven en trekt bezoekers door de bijzondere architectuur.
De Stad van de Mooie Gevels:
Aarau staat in Zwitserland bekend als de “Stadt der schönen Giebel” (stad van de mooie gevels). De belangrijkste toeristische trekpleister zijn de onderkanten van de daken (de dakranden).
Beschilderde dakhemels: Veel huizen uit de 16e en 17e eeuw hebben prachtig beschilderde houten panelen aan de onderkant van de overstekende daken.
Uniek in Zwitserland: Nergens anders in het land vind je zo’n grote dichtheid aan deze kunstig versierde dakonderkanten. De schilderingen tonen vaak bloemenmotieven, Bijbelse scènes of historische figuren.
Heel veel heb ik daar eigenlijk niet meer aan toe te voegen. Voel vooral de sfeer en ga het gewoon maar zelf ontdekken.
Aarau is zo’n 45 minuten rijden vanuit Zürich en ligt praktisch op de weg van België als je vanuit de richtig Bazel komt. Je vindt er heel wat gezellige plekjes om iets te eten of te drinken, een heel populaire en lekkere ijsjeszaak nl. Kalte Lust en toffe, kleine snuisterwinkeltjes. Ik ga zeker nog eens terug om de winkeltjes te bezoeken aangezien wij er op een zondag waren.
Misschien nog even praktisch. Wij parkeerden de wagen net buiten de oude stad. Er zijn meerdere parkings maar wij kozen voor parking Untere Schanz. Wanneer je daar geparkeerd staat, ben je op een kleine 5 minuten wandelen aan 1 van de ingangspoorten van de oude stad.
Tip: wandel ook eens buiten de poorten van de stad om van daaruit een goed beeld te krijgen op het oude stadsgedeelte en zijn mooie gebouwen. Wij wandelden ook even langs de Aare rivier net buiten de Altstadt.
Zien we elkaar binnenkort in Aarau op een leuk terrasje? Tot dan!
Mettmen, nog nooit gehoord, nog nooit gelezen, nog nooit geweest. Wel, tot vorige week was dit het geval. Hubby ging de uitstap van de dag kiezen en kwam plots met dit voorstel. Ik citeer hem: ‘We moeten onze auto op een P&R parking zetten, dan 40 minuten een bus nemen, dan een kabellift nemen en dan kunnen we daar een heel mooie wandeling doen.’ Uhu, ok, ik laat me leiden (beetje lijden ook achteraf gezien) dacht ik bij mezelf.
Uitzicht van op de P&R parking in Schwanden
We reden met eigen wagen tot Schwanden (wat een klein uurtje rijden is vanuit Zürich) in kanton Glarus. In Schwanden Däniberg parkeer je je wagen best op de Park and Ride parking om van daaruit de bus te nemen naar het kabelliftje in Kies. Op weekdagen heb je elk uur een bus maar in het weekend om het halfuur (telkens xx:29 en xx:59). Het is niet toegelaten om zelf tot in Kies te rijden. De busrit duurde 40 minuten maar was een waar avontuur. Ongelooflijk hoe die buschauffeur er in slaagde om die hele smalle kie(s)zelwegen te nemen tot in Kies 😉
In Kies kan je je ticket voor de kabellift kopen. Het is een eerder klein liftje met een maximumcapaciteit van 20 personen. Er is geen halbtax korting en een heen- en terug ticket kost CHF24 per persoon. De rit met het liftje is alvast de moeite waard. Het liftje zou elk kwartier vertrekken maar wanneer het druk is, gaat het gewoon de hele tijd op en af.
Eens boven heb je verschillende mogelijkheden. Je kan een heel eenvoudige wandeling van een goed halfuur maken rond het stuwmeer of een iets uitdagender hike uitkiezen. Mijn hubby zou mijn hubby niet zijn als hij bij 30° en volle zon niet voor de uitdagende versie zou gaan. We zouden de Kärpfbrugg-Rundweg doen.
Deze Kärpfbrugg is wel het vermelden waard. Deze brug is namelijk Unesco werelderfgoed. Even een beetje AI hulp om jullie meer te vertellen: De Kärpfbrugg (of Kärpfbrücke) is een indrukwekkende, natuurlijke stenen brug in het kanton Glarus, gelegen in het oudste wildreservaat van Europa: het Freiberg Kärpf. Hier graaft de rivier (de Niederenbach) zich al eeuwenlang een weg door de bergen, wat resulteert in een 50 meter brede en spectaculaire rotsformatie.
Ik snap zijn keuze natuurlijk wel maar de wandeling was net 1 dag geopend dus ik was wel een beetje benieuwd naar de omstandigheden. De eerste helft van de wandeling ging (behoorlijk) goed al moesten we dan al af en toe door wat resterende sneeuw en kabbelende riviertjes van watervallen ploeteren.
Maar we bereikten de Kärpfbrugg vrij vlot. Ik moet wel eerlijk toegeven dat mijn hoofd zo rood als een tomaat zag en dat niet alleen door de hitte maar ook wel door de stijgende hoogtemeters kwam. Op zich was dat wel doenbaar maar de start was meteen vrij stijgend en hubby zijn tempo was ook niet min. Volgens hem had hij die dag de benen 🙂
Aan de Kärpfbrugg zelf lag sneeuw, veel sneeuw, smeltende sneeuw en gladde sneeuw. Ik ben halverwege de klim naar de brug teruggekeerd want zonder de wandelstokken voelde ik me niet zo veilig. Hubby is nog een stukje verder gewandeld.
Normaal moesten we vanaf daar echt de hoogte in en over de brug wandelen om deel twee van de rondweg te vervolledigen maar er lag echt nog teveel sneeuw. We besloten niet gewoon terug te keren van waar we kwamen maar hadden onderweg een afsplitsing gezien richting Mettmen terug. Ik weet dat hubby niet graag zomaar ergens heen en dan terug wandelt dus wou ik wel een soort van rondwandeling maken. Maar hadden we dat vooraf geweten, ik was gewoon tot aan de brug gewandelend en terug hoor.
Overal kabbelde water door de prachtige velden waardoor de ondergrond zo modderig en glad was. Ik ben een bepaald moment wel 15cm diep in de modder gezakt met 1 voet waardoor schoen, kous en broek nogal bruin zagen.
Was het de moeite waard? Ja, zeker, absoluut. Had ik het gedaan als ik vooraf de omstandigheden had geweten? Nee, zeker, absoluut niet. Maar we hebben gelachen, beetje gevloekt maar ook heel hard genoten.
En blijft het mooiste van een hike niet om na het ploeteren terug aan te komen met rode wangen, vuile schoenen maar een hart vol herinneringen?
Maar weet dat je dus ook gewoon de korte toer kan doen mocht ik je nu wat afgeschrikt hebben 🙂
I know…er is een hele poos radiostilte geweest. Hoe dat komt? Dat leg ik je hieronder even uit:
Na mijn 100ste Tips and tricks voelde het even als ‘genoeg’
In de ruime omgeving van Zürich (lees +/- anderhalf uur rijden van Zürich) deden we heel veel familievriendelijke of voor ons doenbare wandelingen waardoor ik hier natuurlijk niet telkens opnieuw het warm water kon uitvinden.
Onze ‘kindjes’ die bij de verhuis naar Zwitserland 8 en 10 jaar waren, zijn ondertussen pubers van 15 en 16 jaar die gelukkig een eigen sociaal leven, toch best wel wat schoolwerk en misschien net iets meer een eigen willetje hebben. Familiewandelingen zitten er niet meer elk weekend in. Daarentegen gaan Pieter en ikzelf steeds vaker met ons tweetjes op stap en dat is natuurlijk ook heel fijn. Beetje terug naar het leven als koppel ipv altijd mama en papa te hoeven zijn.
Sinds zo’n twee jaar spenderen we de weekends vaker in kanton Graubünden waar we ook al heel wat mooie wandelingen, activiteiten en uitjes deden maar ik wist niet altijd goed of ik hier ook over zou schrijven. Misschien neem ik dat de komende tijd toch weer op.
Maar goed… na mijn uitleg tijd voor een nieuw blogje. Eentje dat wel op doenbare afstand ligt van Zürich. Nu, even een kleine side note, deze uitstap is er zo eentje die je niet elke week doet en ook niet zomaar even met je hele familie maar ik wil er toch graag iets meer over schrijven.
Mount Titlis, je ziet hem van heinde en verre (lang geleden dat ik deze oud Nederlandse uitdrukking heb gebruikt). De Titlis is 3020 meter hoog en daarmee ook de hoogste berg in het kanton Obwalden. Deze berg zorgt er dan ook voor dat je zelfs tijdens de zomermaanden op zoek kan gaan naar de eeuwige winter. Zo kan je er tijdens de zomer nog skiën, glijden op opblaasbare banden (of beter gezegd snowtubing), er is helemaal boven een Glacier Cave waar je door een gang loopt volledig uit ijs gemaakt, je kan er een zetelliftje nemen dat boven de gletsjer gaat (in de winter minder de moeite want dan is de gletsjer bedekt door sneeuw maar in de zomermaanden blijkbaar een hit). Deze heet dan ook de Ice Flyer (opgelet, hier betaal je extra voor). Er is ook de hoogstgelegen hangbrug van Europa op 3000m waar je op een 1 meter brede en 100 meter lange hangbrug kan genieten van de prachtige vergezichten. Er zijn ook verschillende restaurants en souvenier shops. En dat brengt me tot het volgende blok hieronder.
Mount Titlis, je bent er nooit alleen, zou ik zeggen. Haha, nee, je voelt het al komen. Met zoveel toeristische attracties is dit niet zomaar een hoge berg in de Zwitserse Alpen. Wij waren gisteren op de Titlis met zo’n 300 toeristen uit India. Het was een eerder kalme dag vermoed ik want de verschillende parkings in het dal/Engelberg waren zo goed als leeg. Alleen kan je niet over de tientallen bussen heen kijken. Deze bussen hebben een strak schema en een reisleider die grote groepen mee naar 3000 meter hoogte loodst.
Waarom zoveel mensen uit India de Titlis bezoeken, leg ik je hieronder even uit. Hierbij laat ik me even helpen door AI:
De enorme populariteit van de Titlis onder Indiase toeristen is grotendeels te danken aan de decennialange promotie door Bollywood. Sinds de iconische film Dilwale Dulhania Le Jayenge (1995) fungeert de besneeuwde berg in Engelberg als de ultieme romantische droombestemming.
De belangrijkste redenen waarom de Titlis zo in trek is:
Bollywood-magie: De berg is decennialang het decor geweest voor talloze bekende Indiase dans- en liefdesscènes. Bezoekers kunnen er zelfs op de foto met kartonnen borden van beroemde Bollywood-sterren.
Gegarandeerde sneeuw: Voor veel toeristen uit warmere streken is het zien en aanraken van echte sneeuw en gletsjers een grote wens. De Titlis biedt het hele jaar door sneeuw.
Goede faciliteiten: Het skigebied van Engelberg-Titlis speelt perfect in op de Indiase doelgroep. Zo is het restaurant op de top ingesteld op de wensen van Indiase reizigers en is er zelfs een speciale Indiase menukaart beschikbaar.
Toegankelijkheid: De berg is makkelijk te bereiken met kabelbanen, waaronder de Titlis Rotair (de eerste draaiende kabelbaan ter wereld), waardoor de gletsjer ook voor minder ervaren klimmers of grotere reisgroepen comfortabel te bezoeken is.
Hoe geraak je nu op dat topje van de Titlis. Er zijn trouwens op lager gelegen hoogtes heel wat wandelingen mogelijk. Ik beschrijf hier nu echt even het bezoek aan de top.
Je start natuurlijk met het kopen van een ticketje richting top en dat is niet min. Daarom dat ik hierboven dus beschreef dat we zo’n uitjes niet wekelijks maken. Een ritje naar boven en terug kost namelijk CHF102 wanneer je niet in het bezit bent van een Halbtax Karte. Die hebben wij gelukkig wel waardoor wij dus de helft betaalden. Wanneer je kinderen tot 15 jaar over een Juniorkarte beschikken, gaan ze gratis mee naar boven. Bekijk zeker vooraf de mogelijkheden. En ga je niet helemaal naar boven maar wil je enkel een wandeling halverwege doen, dan betaal je uiteraard ook niet de volle prijs.
Maar goed, wij wilden graag op 3000 meter hoogte staan. Het weer was perfect: open hemel, zon, blauwe lucht en er was weinig drukte (met een korrel zout te nemen maar ik vraag me af hoe het er op top toeristische dagen moet zijn).
Je neemt eerst 2 verschillende kabelliftjes om tenslotte de beroemde lift ‘Rotair’ te nemen naar het laatste stukje. De Rotair draait tijdens het stijgen rond waardoor je langs alle kanten van het uitzicht kan genieten (als je een plekje aan het raam kan bemachtigen tenminste).
Tijdens ons bezoek waren er boven wat bouwwerken waardoor het niet altijd even duidelijk was waar we heen moesten/konden. Een vriendelijk personeelslid stuurde ons eerst richting het panoramaplatform buiten om te genieten van het ongelooflijke zicht op de besneeuwde Zwitserse Alpen. De dagen voor ons bezoek had het in de bergen nog flink gesneeuwd waardoor dit voor bezoekers zonder degelijk schoeisel (wij zijn gelukkig al Zwitsers genoeg om steeds wandelschoenen te voorzien) een hele uitdaging werd. We hebben menig toerist zien glijden, vallen of uitschuiven. De ene vond het al wat prettiger dan de andere.
Buiten kan je dus op de hangbrug wandelen (inbegrepen in je ticket), de Ice Flyer nemen (extra bijbetalen), een echte toeristenfoto nemen bij het bord ‘I LOVE TITLIS’ maar vooral genieten van de adembenemende views. Ik moet je wel meegeven dat het er koud was, zelfs op deze zonnige dag in mei. Voorzie dus zeker een jasje (en zelfs handschoenen waren fijn geweest).
Na wat ‘ooh’ en ‘aaah’ en talloze foto’s genomen door mezelf gingen we terug wat warmte opzoeken binnen. Daar kan je nog de Glacier Cave bezoeken al waren wij daar wat teleurgesteld. Misschien hadden de bouwwerken er iets mee te maken maar uiteindelijk hoeven al deze toeristische attracties niet meteen voor ons. Geef ons maar liever de ongerepte natuur.
Voldaan door de mooie besneeuwde bergtoppen op grote hoogte maar anderzijds ook wel wat ondersteboven van de toeristische vibe van deze uitstap gingen we terug naar beneden. Eerst terug de Rotair gevolgd door nog twee kabelliftjes. De uiteindelijke rit van beneden naar boven (of omgekeerd) zou zo’n 30 minuten duren. Ik heb het niet getimed helaas.
Terug beneden moesten we toch even bekomen van dit, voor ons, totaal andere bergbezoek. Veel mensen (lees toeristen), veel attracties, veel gedoe maar wel ongelooflijke views natuurlijk.
We voelden ergens de nood om nog iets op ons tempo te doen in de mooie regio Engelberg. Pieter nam zijn Google maps erbij en vond wat we zochten: End der Welt. Het einde van de wereld. Mooier kon het niet zijn na de impressies van hiervoor.
We gingen richting ticketmachine en betaalden CHF5 voor de parkeerplaats. En we gaven ‘End der Welt’ in op onze GPS. Benieuwd wat we zouden vinden.
Na zo’n 10 minuutjes rijden door het prachtige Engelberg bereikten we effectief het einde van de wereld. Op het einde van het dal, tegen een metershoge rotswand lag daar het einde van de wereld. Dat was niet alleen een restaurant (dat vakantie had en dus gesloten was tijdens ons bezoek) maar ook een pittig, 20 minuten durend klimmetje richting ‘End der Welt’. Tussen de koeien en de prachtige gele bloemetjes wandel je richting een waterval die uit de rotswand lijkt te komen. Het klimmetje loopt ten einde (aja, einde van de wereld) en dus moet je om terug te keren hetzelfde padje terug afdalen richting wagen (die je trouwens gratis kon parkeren aan de start).
We waren de enige wandelaars daar (buiten de 4 mensen die net terugkeerden toen wij het ingangspoortje binnenwandelden). Ze groetten ons vriendelijk en dachten waarschijnlijk bij zichzelf: ‘Zo, die twee gaan ook even het einde van de wereld opzoeken.’. Het poortje waarover ik hierboven spreek is er om de koeien binnen de weide te houden. Eens binnen, heb je kans om links en rechts wat koeien tegen te komen.
Daar, op het einde van de wereld, voelden we weer waarom we zo verliefd werden op Zwitserland. Dat gevoel kan ik moeilijk omschrijven. Alhoewel, misschien toch, voor wie ooit de film ‘Sound of music’ keek en de openingsscene kent waarin Julie Andrews zingend door de bloemen over een bergweide loopt, wel, dat gevoel. En wat deed ik? Net als Julie Andrews een huppelend loopje nemen door de bloemen. Wel bergafwaarts, anders was het loopje vast niet zo huppelend geweest.
De heerlijke zomer van 2024 is helaas voorbij. De schoolboeken slingeren ondertussen al weer even rond in huis en we worden het nieuwe ritme stilaan gewoon.
Tijd voor nieuwe goeie voornemens aan het begin van die septembermaand en zo viel mijn oog een tijdje geleden op een aankondiging van de spoogler groep (The Zürich Spooglers are an informal group of spouses/partners of Zooglers (Googlers in Zurich) who help and support each other, sharing information about life in Switzerland.)
Een advertentie waarin het Googler/Spoogler koor op zoek is naar nieuwe leden. Repetitie wekelijks op maandagavond in één van de Google gebouwen en belangrijk: iedereen welkom!
Zeer belangrijk zinnetje voor mij want ik genoot geen muzikale opleiding en heb geen voorkennis maar ik ben een fervente auto- en douchezangeres die heel hard geniet van meebrullen op leuke deuntjes.
En zo stond ik vorige week maandag stipt om 18.50 uur aan de ingang van één van de Google gebouwen. Klaar voor mijn eerste zangles. De lessen worden trouwens gegeven door een studente aan de universiteit in Zurich.
Een Googler kwam mij en nog twee andere dames beneden ophalen. Privacy redenen zorgen ervoor dat wij als Spoogler niet zonder Googler in de gebouwen mogen rondlopen. Ik kreeg de verplichte badge opgespeld en stapte aarzelend achter het groepje aan dat elkaar duidelijk al kende.
We mochten plaatsnemen in 1 van de meetingrooms en vooraan nam een man het woord. Hij gaf wat uitleg over het koor, mensen konden vragen stellen en nieuwe leden werden voorgesteld.
En toen, toen dacht ik echt even dat ik in een verborgen camera programma was terechtgekomen. Op een whiteboard werden nummertjes geschreven en iedereen kon vrij een muzieknummer noteren. Van ABBA tot Let it go tot 99 Luftballons… Alle genres en talen werden aangevraagd en de karaoke werd opgestart. Man, vrouw, jong, oud… allen namen met veel goesting de micro in de handen en begonnen uit volle borst te zingen.
Ok, dus dit is het Googler/Spoogler koor dacht ik bij mezelf. Hoe belachelijk heb ik me gemaakt door te denken dat ik een echt koor zou vervoegen en dat ik thuis stiekem gebruik had gemaakt van een app om te bepalen of ik een alt of een sopraan ben.
Ik durfde uiteraard de meetingroom niet stilletjes verlaten dus zat ik wat heen en weer te wiegen op mijn stoel en bij 99 Luftballons kreeg ik van een onbekende een micro in mijn handen geduwd en heb ik wat mompelend meegezongen.
Rond 21.30 uur (het zogezegde koor duurde normaal maar tot 21 uur) ben ik stilletjes naar buiten geslopen maar voor ik vertrok fluisterde ik de dame naast me toe: ‘So this is what you do every week?’ Waarop zij verontwaardigd zei: ‘Nooo, not at all, today is a social event because the teacher is still on holidays.’ Ooooooh, ok, dus er is weldegelijk een echt koor. Een pak van mijn hart.
Toen ik iets later thuiskwam, proeste ik het uit en wou ik manlief vertellen wat me die avond was overkomen waarop hij doodleuk zei: ‘Ohja, ik kreeg vandaag nog een mail dat het koor pas volgende week echt start en dat vandaag een soort social event was.’ Whaaaaaaaaa!!!!
En zo stond ik gisteren met klamme handjes om 18.50 uur stipt weer voor de deur van het Google gebouw. Opnieuw kwam een Googler ons halen en kende ik al voorzichtjes enkele gezichten van de week ervoor. Er waren ook heel wat nieuwe gezichten die nu echt naar het koor kwamen. Bij de ingang van de meetingroom kreeg ik partituren in mijn handen geduwd en na wat kennismakings- en opwarmingsoefeningen begonnen we echt te zingen: olei!
De zanglerares had me vooraf gevraagd of ik een alt of een sopraan ben maar ik durfde dus niet al te luid vertellen over mijn app en zei dus maar dat ik het niet heel zeker wist. ‘Ok, kom dan straks na de les maar even bij mij langs en dan gaan we even kijken’. Samen met een 6-tal nieuwe leden mocht ik dus wat stemoefeningen doen en kreeg ik ‘for sure a Soprano’ op mij geplakt.
Soprano, klinkt goed he! Zou ik dan naast mijn douche- en auto ervaring toch wat van mijn vaders genen geërfd hebben? Die had op familiefeesten met momenten iets van Luciano Pavarotti.
En zo ben ik begonnen aan mijn nieuwe maandagavond avontuur. Benieuwd naar ons winteroptreden met het koor in december…
De 100ste tips and tricks, jawel jullie lezen het goed. Deze moest natuurlijk een ‘specialleke’ zijn en dat is het ook geworden. 3 Zwitserse toppers in 1 dagactiviteit. Klinkt goed toch?
Onze wandeling start aan parkeerplaats Flims Waldhaus (Rudi Dadens 3, 7018 Flims) waar je ook 2 laadplaatsen voor elektrische wagens kan vinden.
Vanaf de parkeerplaats volg je de wandelbordjes Caumasee, Conn, Crestasee, Trin Mulin.
Aan de Caumasee zou je eventueel al halt kunnen houden en in het prachtige groen/blauwe water duiken maar wij hielden het zwemmen voor het laatste aan de Crestasee. Tijdens de zomermaanden betaal je trouwens om in deze meren te zwemmen.
De wandeling gaat verder langs de linkerkant van de Caumasee (Caumasee laat je dus rechts liggen) en op het einde begin je aan de enige klim (valt zeer goed mee hoor) die je die dag zal maken. Maar de inspanning wordt beloond want bovenaan heb je een prachtig zicht op de rijnkloof. Het uitzichtpunt zit wel een beetje verstopt dus ga zeker niet terug naar beneden voor je het gevonden hebt.
Daarna daal je terug af wat je net hebt geklommen en gaat de wandeling verder richting restaurant Conn met iets voorbij het restaurant ‘Il Spir’, de uitkijktoren die je een prachtige kijk geeft op de Swiss Grand canyon.
Nadat je even je hoogtevrees hebt overwonnen, keer je een paar passen terug om de wandeling richting Crestasee verder te zetten. Deze loopt tussen bomen wat ideaal is op een warme zomerdag.
En dan natuurlijk de apotheose, de Crestasee. Een groen/blauw meertje omgeven door bomen en machtige bergtoppen. Julia en ikzelf hadden niet lang nodig om in ons badpak te duiken (er zijn trouwens ook omkleedhokjes voor mannen en vrouwen apart voorzien).
Niks zo fijn om die verhitte voetjes en warme lichamen te verfrissen in het meer. Het water was trouwens zeker doenbaar qua warmte. In het midden van het meer is een houten vlot waar je even kan verpozen en je kan er ook roeibootjes of een SUP huren. Als ‘kortzwemmer’ betaal je CHF 3 om een uurtje te zwemmen. En dat is eigenlijk meer dan genoeg om even te verfrissen.
Na het terug omkleden hebben wij het laatste stukje van de wandeling verdergezet dat vertrekt rechts achter het restaurant (naast de omkleedhokjes) en je in een kwartiertje naar het busstation van Trin Mulin Crestasee brengt. De eigenlijke wandeling loopt tot in Trin Mulin maar je mist zeker niks met de eerste halte te nemen nl. Trin Crestasee. Van daaruit hebben wij de bus teruggenomen naar busstation Flims Waldhaus Caumasee. Dat is een ritje van een 15-tal minuten terug tot aan de auto. Voor de busrit betaal je als volwassene CHF 4.40 en voor kinderen CHF 2.20. Aan busstation Flims Waldhaus Caumasee (waar de wagen geparkeerd staat) is ook een Volg supermarkt waar je wat natjes en droogjes voor tijdens of na de wandeling kan kopen.
Samengevat: een prachtige, doch lichte, wandeling die ideaal is voor het hele gezin met als hoogtepunt de frisse duik in de Crestasee.
De voorbije winterperiode hebben we een zalige familieactiviteit ondernomen in kanton Graubünden in de Albulapas. We gingen er sleeën op een 6 kilometer lange sleebaan van het bergdorpje Preda naar het idylische dorpje Bergün. Zalig was dat! We hebben gelachen, geroepen en gejodeld tijdens het glijden.
Omdat de omgeving zo mooi is (Unesco werelderfgoed zelfs) wilden we er in de zomer graag eens teruggaan. En zo gezegd, zo gedaan. We reden met de wagen door Zwitserse, kronkelende wegen tot het station van Bergün waar je zelfs elektrische wagens kan laden.
Van daaruit neem je telkens om xx:14 uur de trein naar Preda. Maar dit alleen al is een geweldige ervaring. Je rijdt over het bekende Landwasserviaduct, gekend van vele foto’s en prentjes over Zwitserland.
The red train of the Albula-Bernina Express Railway, UNESCO World Heritage on the Landwasser Viaduct, Switzerland, Europe
Na 18 minuten op de trein kom je aan in het station van Preda van waar de wandeling eigenlijk meteen start. Je volgt voortdurend de gele bordjes ‘Bergün’ wat heel gemakkelijk is. Alleen bij de start wijst een geel bordje met Bergün naar boven en eentje naar beneden maar je volgt die naar beneden. De wandeling gaat zo goed als de hele tijd naar beneden. De totale lengte is 6 km.
De wandeling is heel gevarieerd en enorm mooi. Een rivier, het viaduct, de trein, bossen en brugjes komen afwisselend voorbij. Je moet het gewoon zelf ondervinden en meemaken.
Na de 6 km genieten en vele oooooohs en aaaaaaahs kom je vanzelf weer in het dorpje Bergün en kan je terugwandelen naar de wagen aan het station.
Ik zou de wandeling niet doen met hele jonge kinderen of ouderen want met momenten moet je toch goed uitkijken waar je stapt. Een optie voor hen is gewoon de trein nemen en terug.
Het was heel warm toen wij gingen (jammer genoeg wel wat bewolkt) maar gelukkig had ik deze verfrissende verrassing achter de hand. We reden naar het Freibad (buitenzwembad) van Bergün waar we genoten van een heerlijke plons in het verkoelende water. Mooier kon de dag niet zijn!
Ik blijf het geweldig vinden om nieuwe tripjes te ontdekken in het mooie Zwitserland. Al kan een ‘oud’ en vertrouwd plekje waar ik ooit mijn hart verloor zeker nog steeds voldoening geven.
De meeste tips and tricks vertrekken vanuit Zürich maar in de omgeving van Lenzerheide komen we ook graag. Naar Lenzerheide rijd je ongeveer 1.45 uur zonder file vanuit Zürich.
Vandaag beschrijf ik de Globi Wanderweg in Lenzerheide. Globi is een gekend Zwitsers kinderboekenfiguur. De wandeling die ik beschrijf is oorspronkelijk een familiewandeling met 13 doe-activiteiten onderweg maar zelfs zonder kinderen of met onze pubers blijft het een mooie wandeling en storen de kinderactiviteiten zeker niet.
Wij namen de zetellift bij het dalstation in Val Sporz (adres: Lenzerheide Bergbahnen Parkplatz Scalottas, 7078 Lenzerheide). Met de halftaxkaart en de juniorkaarten van de kinderen konden wij voor CHF21 met 4 naar boven en beneden (een volwassene met halftax betaalt CHF 10.5 en kinderen met juniorkaart reizen gratis).
Het is een heerlijk ritje op de zetellift (zetelliftjes blijven mijn favoriet boven de gondels). Je bent veel meer in de natuur en hebt echt tijd om de omgeving op te snuiven.
Uitstappen doe je in Tgantieni vanwaar je de wandeling meteen kan starten. Bij de start is een speelplein en een bergrestaurant (Acla Grischuna) maar dat kan je misschien beter als laatste houden.
Aan het dalstation namen wij een brochure mee met familiewandelingen in de omgeving waarop je oa. de Globi Wanderweg mooi kan volgen.
De meeste doe-activiteiten zijn te vinden in het eerste deel van de wandeling. Apotheose was het helblauwe meer (Speichersee) bijna op het einde van de wandeling. Daar kan je op 2 plaatsen grillen (hout steeds beschikbaar) maar tijdens de wandeling zijn meerdere grillplaatsen beschikbaar.
De wandeling is 6 km lang en je stijgt of daalt maximaal een 180 meter. Deze wandeling is goed te doen voor kleinere kinderen die het gewoon zijn om te wandelen. De doe-activiteiten maken de wandeling natuurlijk attractief voor hen en doet vergeten dat ze een wandeling maken. Als je dan nog grilt onderweg of halt houdt aan de Speichersee kan je er een daguitstap van maken.
Wij wandelden er ongeveer een uur of 2 over met enkele stopjes op een bankje aan een mooi uitzichtpunt en aan de Speichersee en lieten de doe-activiteiten grotendeels links liggen. We werden zeker ook niet overspoeld door gezinnen met kleine kinderen dus echt wel een mooie en gevarieerde wandeling voor groot en klein, jong en oud(er).
Zwitserland heeft een paar heel erg schattige stadjes waar je sowieso de vakantievibes voelt. Ok, je hebt de grotere steden zoals Zürich, Luzern, Basel, Bern, Chur,… met hun charmante Altstadt waar je dat zelfde gevoel kan ophalen maar het blijft toch een grotere stad.
Prachtig weer hier momenteel en dus had ik zin om de bergen in te trekken. Maar in de late namiddag/avond was er kans op onweer en dan ben je natuurlijk liever niet op je eentje in de bergen. Ik ging op zoek naar een goed alternatief.
Het werd het charmante en levendige stadje Baden, gelegen in het kanton Aargau, langs de Limmat rivier. Die Limmat rivier is dan ook 1 van de grote troeven van het stadje naast de ongelooflijk charmante, vaak met bloemen versierde, huizen, straten, pleintjes, winkeltjes en koffiehuizen.
Wanneer we met het gezin richting Baden trekken, nemen we de wagen. Vandaag ging ik er op mijn eentje op uit en nam ik de trein. Met de wagen rijd je een 20 minuten vanuit Zürich wat ongeveer gelijk loopt met een treinrit vanuit Zürich Hauptbahnhof.
Wanneer je met de trein gaat, kom je meteen in het mooie stadsgedeelte en kan je beginnen ontdekken, slenteren en genieten. Met de wagen parkeren wij ons meestal net buiten de stad in de Ländliweg van waar we langs park Villa Boveri de stad binnenwandelen. In het stadscentrum zijn ook openbare parkeerplaatsen zoals bv. Parkhaus Theaterplatz waar je meteen in het hart van het centrum terechtkomt.
Een echte wandeling in de stad heb ik niet. Ik vind vooral het ontdekken, slenteren, straatjes en steegjes inslaan, de rivier opzoeken,… heerlijk. Er zijn wel enkele highlights die je natuurlijk niet mag missen: de Stadtturm, de Holzbrücke over de rivier, de Promenadenlift, de Limmatsteg, restaurant/pizzeria Schwyzerhüsli, de fontein aan de Bahnhofplatz en natuurlijk de mooie promenade langs het water.
Ik ben via een heel leuk steegje op de hoek van de houten brug en de Kronenstrasse (beetje verstopt tussen het groen) naar het water afgedaald, van daar wandelde ik langs het water tot aan de Limmatsteg (waar ook de Promenadenlift is maar die heb ik dan nog niet genomen), ik stak hier de rode ijzeren brug over en wandelde langs de andere kant van de Limmat rivier verder (niet opgeven want je kan blijven wandelen) tot aan de volgende brug ‘Schiefe Brücke’ om zo de rivier terug over te steken en terug te wandelen tot aan de Promenadenlift die ik dan naar boven nam waarbij ik meteen terug in het oude stadsgedeelte terechtkwam.
Baden, de naam verklapt het natuurlijk al een beetje, was oorspronkelijk gekend voor zijn natuurlijke bronnen en thermen.
Genoeg te ontdekken in deze historische Zwitserse stad (of beter stadje). Slenter gerust door de straten en langs de rivier en vergeet onderweg niet te genieten 😉