Tips and tricks 94: Griesslisee hike

Toen deze week 2 van mijn Nederlandse collega’s, tijdens de pauze, gezellig stonden te keuvelen over hun laatste hikes was ik meteen nieuwsgierig. Altijd in voor een ongekend stukje berg hier. Die dag hoorde ik voor het eerst over de Griesslisee. Soms denk ik dat ik na 4 jaar opzoeken, blogs en sites lezen en up-to-date zijn met de posts van de Zwitserse influencers dat ik de highlights al allemaal heb gezien. En dan ontdek je, als bij toeval, dit toppertje.

De wandeling naar de Griesslisee is niet zomaar een wandeling. Deze hike kan je niet doen zonder de Klausenpass over te rijden. De Klausenpass, die het Zwitserse kanton Uri met Glarus verbindt, is tijdens de winter gesloten voor verkeer door de sneeuwval. Deze wandeling kan je dus alleen maar ondernemen van de (late) lente tot de herfst. De openingstijden van de pass vind je terug via de link hierboven.

We reden al een keer of 3 over de Klausenpass. De laatste keer was samen met de familie omdat je zonder veel inspanning het echte berggevoel mag ervaren. Ideaal dus om oma’s en opa’s mee naartoe te nemen. Vaak vinden de kinderen, achteraan in de wagen, zo’n pass vrij saai. Moeder roept dan om de haverklap: ‘Kijk, ooooh, daar, mooi, stop hier even, oh waw,…’. En ik kan zo nog wel even verder gaan. Maar ik denk dat de combinatie van de pass met de wagen en dan de wandeling naar de Griesslisee voor veel mensen een ideaal dagje uit in de bergen zal zijn.

Oma’s en opa’s die het klimmen liever overslaan, kan je aan de start van de wandeling ‘achterlaten’ in het bergrestaurant Klausenpasshöhe waar je ze vast en zeker ook blij kan maken met een lekkere koffie, een frisse Zwitserse pint met Bratwurst en vooral het prachtige zicht op de bergen en rotsen.

Je parkeert je wagen dus best op 1 van de parkings in de nabijheid van de Klausenpasshöhe (1952m) want net naast het restaurant vertrekt de wandeling naar de Griesslisee (een gletsjermeer). Naast het restaurant zijn ook openbare toiletten voor wie voor vertrek nog even een kleine stop wil maken.

Het grindpad gaat behoorlijk steil omhoog maar het prachtig uitzicht over de omliggende bergen doet het klimmen wat vergeten. Na een kleine 10 min. grindpad ga je het echte bergpad in dat je kan terugvinden door de typische wit-rood-wit kentekens te volgen. Het pad is minder steil maar oneffen en je loopt als het ware tussen de stenen en rotsen door. Goed uitkijken dus al mag je zeker ook niet vergeten om nu en dan eens goed romdom je heen te kijken en te genieten.

Je wandelt ongeveer een uurtje tot je plots na een laatste klimmetje het gletsjermeer met zijn grijs-blauwe kleur voor je ziet liggen. Je staat dan eigenlijk boven het meer en hier kies je of je helemaal boven blijft, een stukje daalt om iets dichterbij te komen (wat wij deden) of helemaal naar beneden gaat maar dan moet je wel wat extra tijd (en energie bij het terugkeren) uittrekken. Ik had het water van het gletsjermeer wel graag eens aangeraakt maar we waren pas na de middag thuis vertrokken en dus zouden we wellicht niet voor het donker terug aan de wagen geraken.

Ohja, wij gingen begin oktober en toen we rond 16 uur het zicht op het meer bereikten konden we nog een 20-tal minuutjes genieten van de mooie kleur van de gletsjer waarna de zon stilletjes achter de bergen verdween (zie schaduw op de foto’s hierboven) en het meer zijn mooie en typische kleur verloor. Misschien goed om hiermee rekening te houden. In de zomer zal je wellicht veel langer kunnen genieten.

De afdaling langs het rotsenpad vond ik heel leuk om te doen. Ik had wel de wandelstokken bij die ik hier goed kon gebruiken. Ze bieden toch dat extra steuntje bij het afdalen.

Tenslotte dan nog een stukje langs het grindpad tot je opnieuw bij het restaurant en de parking komt. Voor diegene die oma en opa daar achterlieten, vergeet ze niet opnieuw op te pikken natuurlijk.

De totale wandeling (heen en terug) is zo’n 6,5 kilometer met een 250 meter stijgen tot je het meer ziet en 250 meter dalen tot je de wagen opnieuw bereikt. Extra kilometers en hoogtemeters voor wie tot aan het meer zelf wil wandelen.

Bij het terugrijden (wij reden deze keer van Glarus naar Uri) hadden we de ondergaande zon voor ons en de reflectie op de bergen was ongelooflijk prachtig. Mijn hartje is weer zo gevuld en ik wil deze wandeling dan zeker aan iedereen aanraden. Niet twijfelen, gewoon doen en genieten.

Tips and tricks 93: Atzmännig panoramatrail

September en begin oktober zijn vaak de meest ideale maanden om te wandelen in de bergen. Een heerlijk nazomerweertje i.p.v. een vaak te hete zomer, geen troepen toeristen meer in de bergen en de ideale manier om te ontsnappen aan die drukke eerste schoolmaanden.

Dus proberen we er deze maand echt wel zo vaak als mogelijk op uit te trekken. We merken dat we regelmatig al eens dezelfde wandelingen maken, wat na bijna 4 jaar Zwitserland niet abnormaal is natuurlijk. Toch ga ik graag op zoek naar ‘nieuwe’ wandelingen. Er zijn een aantal voorwaarden verbonden aan onze perfecte wandelingen: afstand max. 15 km, hoogtes max 500 hoogtemeters, liefst een lus of toch een wandeling waarbij we makkelijk terug aan de wagen geraken en natuurlijk graag nog wat mooie tafereeltjes onderweg.

En zo vond ik dit onontdekt pareltje in kanton St. Gallen. Atzmännig is een 50 minuutjes rijden vanuit Thalwil (een uurtje vanuit Zürich) en heeft meerdere grote parkings. Toch raad ik aan om, zoals vaak, vroeg te starten want beneden aan het dalstation zijn een aantal attracties voor kinderen en een restaurant en zo raakt de parking snel vol met mensen die niet gaan wandelen maar komen eten/spelen. Straks nog meer over het speelpark. De parking is trouwens betalend.

Wij kochten 4 ticketjes enkele rit op de zetellift om ons van Talstation naar Bergstation te brengen. Het was een heerlijk ritje met de opkomende zon op onze snoet aangezien we daar al iets na 9 uur waren (de lift gaat trouwens om 9 uur open). Halverwege, bij het Mittelstation, mag je gewoon blijven zitten. Het Mittelstation is de stopplaats voor de rodelbaan. Straks meer daarover.

Boven mag je al meteen genieten van de prachtige vergezichten over de Zürichsee, de Glarner Alpen en in de verte zelfs enkele toppers zoals de Titlis en de Jungfrau (bij helder weer). Vanaf het mooie uitkijkpunt wandel je minder dan 1 minuut naar de start van de wandelingen. Wij volgden Chrüzegg. Je hebt bij Rotstein twee opties om tot bij berghut Chrüzegg te geraken. Of je neemt de iets lager gelegen wandeling langs Grosse Rotstein of je gaat over de Tweralpspitz. De laatste optie is iets meer klimmen en je doet er 20 min. langer over.

Soms heb je geen keuze want blijkbaar zijn er regelmatig schietdagen over de Tweralpspitz waardoor je verplicht langs de Grosse Rotstein moet wandelen. Wij hadden geluk en konden door. Bij versperring staat er een duidelijk bord om je op de hoogte te brengen.

Deze wandeling is niet extreem moeilijk of zwaar maar je kan niet zomaar iedereen meenemen. Er zijn stevige (korte) klimmetjes maar je wandelt vaak op de smalle heuvelrug en wanneer het net geregend heeft of de grond is nog vochtig na de nacht dan is het op sommige plaatsen ook wat modderig. Opletten dus.

Na wat op en neer wandelen, met onderweg prachtige vergezichten, kom je halverwege de wandeling aan bij berghut Chrüzegg. Daar kan je zowel binnen of op het terras genieten van een fris of warm drankje en wie wil kan een typische Zwitserse lunch verorberen: Schnitzel, braadworst, een vlees/kaasschoteltje, Alpenmagronen,… Naast de berghut is een klein hutje waar je kaas of een koffie/drankje on the go kan kopen. En er is een klein speeltuintje.

Na berghut Chrüzegg ga je bijna alleen maar dalen (volg Atzmännig Schutt). Een stevige afdaling met steile heuvels en trapjes ingebouwd in de berg. Goeie schoenen en eventueel wandelstokken zijn geen overbodige luxe. Mijn bovenbeentjes hebben de afdaling de day after gevoeld. Maar gezonde pijn noemen we dat hier.

De wandeling is in totaal zo’n 7,5 kilometer lang. Je stijgt zo’n 200 meter en daalt een 500 meter (vooral tijdens het 2de deel van de wandeling). Er zijn ook opties waarbij je na Chrüzegg terugwandelt naar het bergstation en de zetellift terug naar beneden neemt.

Zelf vonden wij het een enorm gevarieerde wandeling met hele mooie zichten en de combinatie van groene heuvels, dennenbossen, het zicht op de Zürichsee, de iets hogere Glarner alpen in de verte en dan de besneeuwde bergtoppen helemaal ver weg. Van alles een beetje, een beetje vanalles. Op en top Zwitserland-gevoel.

Voor de mensen met kinderen: Atzmännig heeft naast de parking en het dalstation een mini attractiepark met verschillende speeltoestellen die zonder personeel bediend worden. Je hebt vooral muntjes van 1 en 2 Zwitserse frank nodig maar er is een wisselautomaat. Zelf mochten onze stevige en flinke stappers het waterkanon uitproberen. Een automatisch touw trekt je bootje omhoog op rails en schiet, eens je boven bent, het bootje met volle kracht naar beneden waar je in een waterplas terecht komt. Ik zag lachende gezichtjes dus top.

Naast de kleinere attracties heb je nog de rodelbaan. We betaalden 5,5 Zwitserse frank voor een ritje voor kinderen onder de 16 jaar. Gust en Julia gingen samen met de zetellift naar boven (Mittelstation) waar ze het stoeltje van een medewerker kregen. En dan natuurlijk heerlijk naar beneden rodelen.

Rond 15 uur keerden we heel erg tevreden (mooie en gevarieerde wandeling, lekkere Zwitserse lunch en 2 enthousiaste pubers) terug huiswaarts.

Zalig die september zondagen!

Tips and tricks 92: Erlebnisweg Aaschlucht in Engelberg

Dan moet je bijna 4 jaar in Zwitserland wonen om deze prachtige wandeling te laten ontdekken door je catsitters/zomerbezoekers. Wanneer wij tijdens de zomervakantie richting België gaan, komen schoonzus en schoonbroer hier catsitten en heerlijk genieten van Zwitserland. Ze gaan vaak aan de slag met de tips and tricks uit ‘Tiny in de bergen’, en zoeken daarnaast graag zelf nog wat mooie plaatsjes uit. En zo konden wij deze keer met hun tips aan de slag. Fijn!

De Erlebnisweg Aaschlucht kan je best beschrijven als een avontuurlijke en rustige wandeling langs de rivier de Aa waar je de rivier een tiental keer oversteekt over allerlei verschillende brugjes (zowel houten en stenen bruggen en zelfs een mooie hangbrug). De wandeling is in totaal een 9km lang waarbij je langzaam zo’n 435m daalt en zo goed als niks stijgt. Een ideale familiewandeling dus. Je kan de wandeling in de andere richting doen zodat je wat meer uitdaging hebt.

Startpunt van de wandeling is aan het station van Engelberg waar heel veel andere wandelingen vertrekken. Het eindpunt is het station van Grafenort. Je kan kiezen om ’s morgens naar Grafenort te rijden en daar je wagen aan het station te parkeren. Dan neem je de trein naar Engelberg (er is een trein elk uur om XX:38 richting Engelberg). Op die manier ben je na het wandelen niet meer afhankelijk van de trein en kom je meteen bij je wagen in Grafenort. Wij waren zelf wat aan de late kant vertrokken en hebben de wagen in Engelberg geparkeerd aan Parkplatz Sporting Park waar we voor de hele dag CHF5 betaalden en waar de wandeling langs loopt (5 min. van het station Engelberg).

Vanaf Parkplatz Sporting Park zijn we meteen langs de Aa beginnen wandelen voorbij de grote parkeerplaats van de Titlis kabellift. Kleine tip, wie nog een toilet wil bezoeken voor de wandeling kan hier best even stoppen. Daarna wandel je verder langs de Eugeniesee tot aan de rots die je welkom heet in Engelberg (zie foto). Daar start dan het avontuurlijke en mooie deel van de wandeling. En met avontuurlijk bedoel ik echt avontuurlijk want je duikt precies onder de weg waar je enkele leuke hindernissen moet nemen. Voor wie nu schrik heeft dat de hele weg zo is, don’t worry, na 50 meter hindernissenparcours kan je terug rechtop staan en gewoon stappen.

Toch blijft de wandeling avontuurlijk aanvoelen omdat je de hele tijd in het groen en langs de rivier wandelt en door middel van al die verschillende soorten oude brugjes de rivier gaat oversteken. Je komt enkele ‘Feuerplatzen’ tegen dus wie onderweg graag een worstje wil grillen, kan dat zeker doen. Er zijn 2 specialere picknickplaatsen. Het eerste is precies een houten chaletje waar potten en pannen en zelfs afwasmiddel beschikbaar zijn en waar de kinderen ondertussen wat kunnen spelen met een waterrad of een wip. De tweede speciale picknickplaats is eerder op het einde van de wandeling en heeft een grote stenen tafel met 12 houten stoelen errond en van daaruit kan je makkelijk bij de rivier komen om even te verfrissen. Ideaal om met kinderen daar even halt te houden zodat ze een kleine waterdam kunnen bouwen.

Het allerlaatste stuk van de wandeling (na het prachtig azuurblauwe stuwmeertje) is minder spectaculair maar nog steeds mooi en rustig. Wij hadden geluk en bereikten het prachtige stationsgebouw van Grafenort 5 minuutjes voor de trein aankwam. Even uitrusten in de schaduw en dan 15 minuten met de trein richting Engelberg (vooral door een tunnel).

We kozen er een warme dag uit (29°) maar tijdens de wandeling langs de rivier en onder de bomen hadden we het goed. Na het stuwmeer was het iets meer afzien van de warmte omdat je af en toe door een open veld loopt. Op de trein was het dan weer ontzettend warm en waren we blij om in de Avec aan het station in Engelberg een lekker verfrissend ijsje te kopen.

Om nog extra te kunnen afkoelen (en omdat die twee pubers eigenlijk heel flink gestapt hadden) gingen we nadien nog zwemmen in het gemeentelijk zwembad van Engelberg. Hallenbad (binnenzwembad) en Freibad (buitenzwembad) Sonneberg. Absoluut een topper want wie wordt er nu niet happy van lekker te verfrissen met zicht op de bergen?

Tips and tricks 91: Zomerwandeling Rundweg Melchsee-Frutt – Tannalp

Zwitserland is mooi maar vooral anders doorheen de verschillende seizoenen. Wanneer ik een winterwandeling maak, vraag ik mezelf steeds af hoe die omgeving er in de lente of de zomer zou uitzien. En dat was toen wij de winterwandeling in Melchsee-Frutt deden niet anders. In tips and tricks 82 beschrijf ik de winterwandeling.

Je rijdt naar Sportbahnen Melchsee-Frutt (Talstation Stöckalp, Fruttstrasse 53, 6067 Stöckalp) wat ongeveer 1u15min. rijden is vanuit Thalwil. De weg gaat van Zürich over Luzern naar Sarnen langs de autosnelweg waar je de afslag Kerns neemt. Daarna rijd je nog ongeveer 20 minuten op een gewone weg die plots overgaat in de parking van de Sportbahnen. Je komt aan slagbomen en dat is de ingang richting de verschillende parkings. In de zomer staan de slagbomen open en dat was voor ons vandaag best gek. We twijfelden even of we nu wel of geen ticket moesten nemen want dat moest in de winter wel. Later kon de mevrouw aan de kassa’s ons vertellen dat parkeren in de zomer gratis is. Mooi meegenomen! Er zijn verschillende parkings maar op drukke dagen zijn er parkeerwachters die je naar de juiste parkeerplaats leiden.

Wij kochten 4 retour ticketjes Stöckalp – Melchsee Frutt. Tijdens het zomerseizoen kunnen kinderen tot 15 jaar gratis gebruik maken van alle liftjes (nog eens mooi meegenomen) en wij konden aan halve prijs met onze Halbtaxkarte naar boven. In totaal betaalden we CHF 37 voor ons 4. Zonder korting betaal je CHF 37 per volwassene heen en terug. Honden zijn welkom maar betalen ook een ticketje op de gondelbaan (soms kijken ze voor kleine honden door de vingers maar dat is een beetje afhankelijk van plaats tot plaats).

Boven bij het bergstation ga je linksaf richting de panoramalift die op zich al de moeite is. Een grote lift met space-achtige look brengt je naar de start van de wandeling en naar de prachtig blauwe Melchsee. Op de Melchsee kan je vissen, varen, zwemmen (gearceerd deel op de kaart hieronder),…en zijn er waterspeeltuigen voor de kleintjes. Zwemmen in de Tannensee is verboven trouwens.

Vanaf nu zijn er verschillende mogelijkheden om te wandelen. Je hebt de rolstoelweg die je over een betonnen paadje naar de Tannensee brengt (op hun zomerkaart aangeduid in het geel – zie hieronder). Dat is handig wandelen maar niet de mooiste route. Wij wandelden naar berggasthaus Tannalp langs de Tannensee via de rolstoeltoegankelijke weg maar keerden na een verfrissende stop (ik heb het dan vooral op het drankje dat we nuttigden in het berghutje Tannalp) terug langs de blauwe stippellijntjes op de kaart hieronder (die kaart vind je trouwens aan de kassa van zowel het talstation als het bergstation). De terugweg was veel avontuurlijker en mooier dus je kiest zelf een beetje waar je liefst wil wandelen (voor goeie wandelaars raad ik de blauwe stippellijntjes heen en terug aan)

Voor wie de wandeling toch te zwaar zou zijn (ik schat zo’n 8 kilometer in totaal met een hoogteverschil van 160 meter) is er ook de Frutt-Zug. Dat is een treintje dat in de zomermaanden constant heen en weer rijdt tussen Melchsee en berggasthaus Tannalp met onderweg een 4-tal stopjes waar je kan af- of opstappen. We zagen vandaag een koppel 80-ers waarvan het lieve vrouwtje het treintje nam en meneer fier als een gieter de wandeling maakte. In het berggasthaus kwamen we hen tegen en zagen we meneer genieten van een grote, frisse pint. Bij de terugkeer namen ze beiden het treintje. Vooral de richting van Melchsee naar Tannensee is wat stijgen dus ik zou dan eerder kiezen om eerst het treintje te nemen en terug te wandelen. Een goeie tip voor mocht je familie, die niet meer zo goed te been is, willen meenemen naar dit pareltje. Het treintje is jammergenoeg niet gratis. Kinderen gaan wel gratis mee onder begeleiding van een volwassene maar die volwassene betaalt CHF 12.

Bij het terug wandelen kan je kiezen of je nog helemaal rond de Melchsee wandelt of aan het kerkje de korte afslag neemt richtig de panoramalift. Je kiest dus eigenlijk zelf een beetje hoe lang je deze wandeling maakt. Maar dat het er mooi is, dat kan ik jullie absoluut verzekeren. Kijk zelf maar!

Tips and tricks 90: Denkweg Kerenzerberg Glarus Nord

Een tussendoor wandeling met een 8-tal stopjes ‘stationen’ onderweg waar jong maar zeker ook minder jong wat denkoefeningen kunnen maken.

De volledige wandeling is een kleine 5 kilometer en je klimt/daalt maximaal 106 meter. Deze uitstap lijkt me ideaal op hele warme dagen want je wandelt een groot stuk in het bos met tussen de takken door het zicht op het azuurblauwe water van de Walensee.

De wandeling start bij Sportzentrum Kerenzerberg waar je een laadplaats vindt voor elektrische wagens. Vanuit Thalwil rijd je 45 min. naar het sportcentrum (waar een zwembad en een seminariehotel is).

Van op de ruime (gratis) parking wordt de start van de wandeling zeer goed aangekondigd. Je kan de wandeling, die een rondweg is, in 2 richtingen volgen maar als je de ‘denkstops’ in volgorde wil doen, wandel je best tegen de richting van de klok in.

Aan de 8 stops kan je horen, voelen, kijken, eens diep nadenken, beleven… maar wil je dit overslaan dan is dat zeker geen probleem. Wij genoten vooral van de hangmat tussen de bomen bij station 6 ‘balance’. Even verpozen met alleen het geritsel van blaadjes op de achtergrond.

Let wel op, wij waren na station 1 ‘Doppelkreuz’ al bijna verkeerd gewandeld en de verkorte wandeling genomen die station 2 t.e.m. 4 overslaat. Dat is een optie maar dan is de wandeling geen 5 km maar een 2,5 km.

Een stopje bij panoramarestaurant Lihn is zeker aan te raden. Dat is bijna het einde van de wandeling. Op hun terras heb je een prachtig zicht op de Walensee en het dorpje Amden.

Absoluut geen zware wandeling en geen dagvullend programma maar wel een fijn tripje dichtbij met de azuurblauwe Walensee in de nabijheid.

Als je na de wandeling nog zin hebt in iets lekkers of nog wat extra wil wandelen/genieten dan raad ik aan om door te rijden naar het dorpje Murg aan de Walensee zelf. Murg is 12 min. rijden van sportcentrum Kerenzerberg. Je kan er in Sagibeiz op een unieke locatie drinken/eten of voor de avonturiers zelfs blijven slapen in een glamping tent, een oude trein of een Tiny House gondel.

Voor wie nog wat extra wil wandelen kan je vanaf de betalende parking in de Strandbodenstrasse 1 in Murg een heerlijke platte wandeling maken langs de Walensee. Op die parking kan je ook je elektrische wagen laden.

Je start de wandeling vanaf de Schifflistrasse, langs strandbad Murg, langs camping Murg, voorbij haven Murg West (waar je ook de boot kan nemen naar Quinten (Zwitserse rivièra)) en zo heerlijk verder langs het water tot je zelf beslist om terug te keren. Onderweg kan je stoppen en zomaar eventjes verfrissen in het koele water van de Walensee. Heerlijk na al dat wandelen en nadenken bij de ‘Denkweg’ 😉

Tips and tricks 89: Roadtrip Sustenpass

De Zwitserse bergpassen… I love them. Ik vind het zalig om een roadtrip te maken door die bergpassen en een beetje à la Wim Lybaert te leven als God in Frankrijk in zijn Columbus (Zonder plan en zonder voorbereiding trekt Wim Lybaert met de Columbus de wijde wereld in. Een week lang duwt hij op pauze om te genieten van vrije tijd die écht vrij is. In alle vrijheid laat hij zich helemaal leiden door het toeval én door zijn gast.). Wel zo doen we het min of meer ook een beetje. We hebben bij vertrek een Zwitserse pas in gedachten maar onderweg stoppen we waar, wanneer en hoelang we willen op de mooiste plaatsjes.

Onlangs reden we al over de Albulapass, de Klausenpass, de Grimselpass, de Furkapass en de Flüelapass en vandaag werd daar nog de Sustenpass aan toegevoegd.

We vertrokken vanuit Thalwil langs Zug en Luzern richting de Brünigpass om halverwege die Brünigpass de weg richting Meiringen te volgen. Toen we enkele weken geleden de Grimselpass en Furkapass deden namen we diezelfde richting.

Onze eerste stop was op de Brünigpass zelf aan het uitkijkpunt van de Lungernsee. Wij noemen het ook het krokodillenmeer omdat het meer de vorm van een krokodil heeft (met een beetje verbeelding toch).

Onze eerste echte stop (want uitkijkpunt Lungernsee was enkel uit de wagen springen) was in Meiringen zelf. Toen we de Grimselpass deden, waren Pieter en ik gestopt bij Aareschlucht maar toen waren Gust en Julia niet mee. En ik had gezien dat je op 5 min. van Aareschlucht ook de Reichenbachfälle (waterval) kon bezoeken met een schattig tandradtreintje. Dus besloten we deze 2 vandaag aan het lijstje toe te voegen. Reichenbachfälle was nieuw voor iedereen en Aareschlucht vonden we toch wel de moeite om ook eens aan Gust en Julia te tonen. Je kan een combinatieticket kopen (je kiest zelf wat je eerst wil bezoeken) wat interessanter is.

Wij zijn gestart bij de Reichenbachfalle (adres: Reichenbach, 3860 Meiringen). Een schattig tandradtreintje brengt je naar boven. Er zijn 2 treintjes waar telkens 24 personen mee kunnen en die non-stop tussen 9 uur en 17.30 uur rijden. Wanneer je bijna boven bent, voel je de spetters van de waterval al op je snoet. De waterval is gigantisch en de moeite waard. Eens boven vertrekt er een kleine wandeling (vooral trappen) tot boven de waterval (je loopt zelfs met een brugje boven de waterval zelf). Wij liepen nog iets verder door tot aan gasthaus Zwirgi waar je indien gewenst kan stoppen om iets te drinken of te eten. Daar zagen we dat je de waterval ook met de auto kan bereiken maar ik durf niet te zeggen of die weg zeer smal is of niet. Het spaart je wel de kost van het treintje uit.

Na het afdalen richting bergstation bewonderden we de waterval nog even van dichtbij en namen we het treintje terug richting dal. Van daaruit is Aareschlucht slechts 5 min. rijden (Aareschluchtstrasse 15, 3860 Schattenhalb). Er zijn helemaal vooraan parking West 2 laadplaatsen voor elektrische wagens. De parking zelf is gratis (ook bij de Reichenbachfälle trouwens). Aareschlucht is een kloof waar het water van de Aare rivier doorheen loopt. Op sommige plaatsen is de kloof zeer smal (<1m) en als je dan het blauw-groene water met wat zon inbeeldt, waan je je al snel in één of ander tropisch vakantieoord.

Vanuit Meiringen vervolgden we de weg richting Innertkirchen waar je de keuze moet maken of je de Grimselpass of de Sustenpass zal volgen. Deze keer werd het dus Sustenpass voor ons. Toen we enkele weken geleden de Grimselpass bezochten, was de Sustenpass nog niet geopend. Deze pas is vooral een toeristische pas waardoor ze echt wachten tot de sneeuw natuurlijk verdwenen is. Daarom opent hij vaak later dan de andere (meer functionele passen). De Sustenpass is één van de nieuwste passen in Zwitserland en werd pas tussen 1938 en 1945 aangelegd.

Vanaf hier kan ik jullie alleen maar aanraden om te genieten, te bewonderen en te stoppen waar en wanneer je wil. Wij stopten vooral op de typische ‘point de vu’ plaatsjes, bij berghotel Steingletscher waar ook een kaasmakerij is (met alpenijs), op de pashöhe (hoogste punt nl. 2234 meter),… Kies zelf maar uit.

Het eindpunt van de bergpas is het dorpje Wassen en van daaruit reden wij via Altdorf, Luzern en Zug terug richting Thalwil.

Geen grote klim (althans niet met de benen) of verre wandelingen, al doe je op zo’n roadtrip toch verrassend veel stappen, maar vooral prachtige uitzichten en het echte Zwitserse berggevoel.

Bucketlist deel 2: kamperen in de bergen

Vorig jaar, ongeveer deze tijd, schreef ik een blogbericht met als titel ‘Bucketlist‘. Ik vertelde toen over mijn droom om de Zürichsee over te zwemmen (in de breedte lieve broer, niet in de lengte 😉 ). Ik sloot het blogbericht toen af met volgende:

Mini-bucketlist afgerond denken jullie, al staat er ondertussen een lijntje bij. Ik wil graag eens met de tent wildkamperen (of minstens een zeer eenvoudige camping) ergens op een Zwitserse berg met mijn gezin. Om dan met een glaasje wijn de zon te zien ondergaan en de volgende ochtend met een zelf opgegoten koffietje de zon weer te zien opgaan. Misschien, wordt vervolgd….

En waarover denken jullie dat ik vandaag ga schrijven? Jup, juist, we gingen het voorbije weekend kamperen in de Zwitserse bergen MET een glaasje (of 2 à 3) wijn bij zonsondergang en een zelf opgegoten kopje koffie bij zonsopgang. Yes!

Het begon allemaal heel onverwacht. Weekend, kinderen die de laatste testen aan het voorbereiden en verwerken zijn, 27 graden en een hubbymans die plots bedenkt dat hij zijn ‘kampeerkast’ eens moet ordenen (lees: een kast waar hij de voorbije jaren steeds meer materiaal bij stak om ooit zijn droom, een berghuttentocht, te volbrengen).

Tot dochterlief dus onze gang in liep en al dat kampeermateriaal zag liggen. ‘Oh, gaan we, vandaag, echt?’ Wel euh, waarom niet eigenlijk? Ideaal weer, geen onweer voorspeld deze nacht, alle materiaal ligt klaar en morgenochtend staan we gewoon weer thuis als er nog verder gestudeerd moet worden. Kwestie van een fijne pauze te nemen tussen het schoolwerk door.

Rond 16.30 uur zat alle materiaal in de koffer. We probeerden echt zeer miniem te pakken en zouden de volgende ochtend wel thuis douchen enzo. Dus tent, matrassen, slaapzakken, 4 stoeltjes, een tafeltje en wat klein gerief werden meegenomen. We gingen die avond normaal op het terras kaasfondue eten tot manlief bedacht dat die fonduepot ook wel op zijn gasbrandertje zou passen (nogmaals dikke merci aan onze studente Caro voor dat praktische cadeau). En zeg nu zelf, kaasfondue eten op een Zwitserse berg met een heerlijk uitzicht… kan het nog meer Zwitsers? 2 plastieken wijnglaasjes en een fles Chateauneuf du Pape (we hadden niks anders staan beweerde de organisator) werden naast de koffiefilter en een mini doosje koffiepoeder ingepakt. Whiiieeee, mijn bucketlist zou vervuld worden.

Pieter zou Pieter niet zijn als hij niet zorgvuldig zou hebben uitgezocht waar we zouden logeren. Niet zomaar de eerste de beste camping natuurlijk (ik had dat voor deze onverwachte uitstap eigenlijk al best gevonden) maar hij ging op zoek naar een kleinschalige camping (we wilden eigenlijk liefst wild-kamperen maar dat wordt in Zwitserland niet zo aangeraden) met een prachtig uitzicht, weg van verkeer of ander lawaai.

En of we die vonden: Camping Hostetten. De camping ligt op exact een uurtje rijden van Thalwil. Je hebt er een fantastisch uitzicht op de Stanserhorn, de Rigi, de Mythenregio en het Vierwoudstedenmeer van Luzern. De camping wordt uitgebaat door (naar onze mening) een iets oudere, vriendelijke Zwitserse boer die de liefde vond bij een Aziatisch vrouwtje en een paar jaar geleden papa werd van een dochtertje en zoontje. Zij onthaalden ons vriendelijk bij aankomst. Er is plaats voor ongeveer 8 tentjes (beetje afhankelijk van de grootte) en hij heeft ook nog een lapje grond wat verder waar je met de campingwagen terecht kan. Hij biedt ook ‘slapen in het hooi’ aan wat volgens ons een schuur is voor mocht je geen eigen tent of dergelijke meehebben.

De grote troef van de camping is echt wel de kleinschaligheid, het wondermooie uitzicht en verder niks… net wat wij zochten. Er is een sanitaire ruimte met 2 propere toiletten en 2 douches. Er is een afwasplaatsje en je kan gebruik maken van een koelkast mocht je wat eten koel willen bewaren. Indien gewenst kan je stroom bijhuren maar dat hadden wij helemaal niet nodig.

Vader en kinderen hebben samen de tent opgezet (en ja, daar wordt een moederhartje zo blij van) terwijl ik een gezellig plekje uitkoos om te kunnen tafelen. 4 klapstoeltjes en een klaptafeltje later was ik klaar om de aperitief uit te schenken. Ook niet onbelangrijk natuurlijk.

Verder hebben we die avond alleen maar genoten van het uitzicht, elkaar en de kaasfondue met glaasje wijn. We bleven in ons klapstoeltjes zitten tot de sterren verschenen waarna we tandjes gingen poetsen en met z’n vieren gezellig dicht bij elkaar in de tent kropen.

Ik had een beetje het worst-case scenario in gedachten en vreesde dat ik die nacht moeilijk de slaap zou kunnen vatten. Ik ben nogal gevoelig voor andere geuren, geluiden, omgevingen,… qua slaap. Maar wonder boven wonder viel ik na het negeren van de ontelbare krekels vrij snel in slaap. Night night iedereen, zo rustig op de camping, zalig!

Om 6.20 uur opende ik voor het eerst de ogen en zag ik de zon door de tent piepen. Naast mij zag ik nog 4 opengesperde ogen (Julia sliep tot iets voor 8 uur) en we besloten niet te blijven liggen maar ons in de klapstoeltjes te nestelen en de opgietkoffie klaar te maken. Als je mij vraagt wat het toppunt van geluk is dan nadert dit tafereel toch wel heel dicht.

We bleven tot rond 8 uur gewoon zitten, kijken, genieten en vriendelijk goeiemorgen zeggen aan de medebewoners die stilaan wakker werden en uit hun tentjes kwamen piepen. Geweldig!

Na 8 uur gingen we tandjes poetsen en werd er net zo vlot als we uitgepakt waren weer ingepakt. Samen toverden we tent, matrassen en slaapzakken weer in de ieniemiemie bijgeleverde tasjes en tegen 9 uur betaalden we de Zwitserse boer cash (CHF 19 voor 1 nachtje met ons 4). Ons avontuur eindigde hier en zo reden we voldaan (en een beetje moe) terug richting Thalwil.

Ondertussen ga ik op zoek naar de invulling van ‘Bucketlist deel 3’, ik houd jullie op de hoogte.

Een happy Tiny in de bergen

Tips and tricks 88: Rondwandeling Palfries – Stralrüfi – Palfries

Een week of 3 geleden schreef ik me in op de Swiss Family Fun Weekday hiking group. Een fantastisch idee georganiseerd door Tanya, de oprichtster van Swiss Family Fun. Zij zorgt er al vele jaren voor dat families alle schoonheid van Zwitserland op een veilige en georganiseerde manier kunnen ontdekken.

Sinds kort organiseert Tanya wandelingen. Ik was er als de kippen bij om me in te schrijven. Ik vind het alleen op stap gaan nog steeds niet leuk en het maakt me vaak wat triest. Al die prachtige plaatsjes, natuur, bergen, meren,… en het niet kunnen delen met iemand anders… nee, niet voor mij.

Vorige week gingen we voor de eerste keer op stap met 6 vlijtige hikers en deden een stuk van de ‘Weg der Schweiz’. We deden etappe 4: Sisikon – Brunnen. Deze wandeling hadden we eerder al eens met ons gezin gemaakt maar is zo mooi dat ik het helemaal niet erg vond om ze met de SFF’ers (Swiss Family Fun’ers) nog een keertje te bewandelen. Het was een hele fijne groep en ik ben heel blij dat ik op die manier nieuwe mensen kan leren kennen. Dubbel voordeel: hiken in de bergen en mensen ontmoeten.

Vandaag maakten we een tweede uitstap. Naast Tanya en mezelf waren er vandaag 4 nieuwe mensen van de partij. Er werd opnieuw kennisgemaakt, gepraat maar ook heel hard genoten van de ontzettend mooie omgeving.

We reden vanmorgen naar Bergstation Palfries (Seilbahn Palfries, Ludiweg 11, 8888 Heiligkreuz) wat een klein uurtje rijden is vanuit Thalwil. Het is een reeds gekende weg voor ons net voorbij de Walensee. Er is een kleine parking voor het bergstation waar je met een stuk van 5 Zwitserse Frank betaalt voor een dagkaart. Wij hadden onze tickets voor de kabelbaan vooraf gereserveerd. Het is namelijk een klein liftje (8 personen, al vraag ik mij af hoe die daar inpassen want met ons 6 was het al krap) en als er groepen naar boven moeten die gereserveerd hebben, kan je wel eventjes aanschuiven. Het reserveren is heel gemakkelijk en doe je via deze website. Je kiest voor een Berg- en Talfahrt (niet de Sennis-Rundtour) en betaalt als volwassene 20 Zwitserse Frank hiervoor. Kinderen boven de 6 jaar betalen 10 Frank retour en honden 5 Zwitserse Frank. Hier gelden geen Junior- of Halbtaxkaarten. Bij het reserveren moet je een tijdsslot ingeven maar uit ervaring vandaag kan ik zeggen dat ze dat tijdsslot niet zo nauw nemen als er voldoende plaats is bij je aankomst (zowel boven als beneden).

Het kabelliftje wordt uitgebaat door (volgens mij dan toch) 2 koppels Zwitserse gepensioneerden. De mannen zitten beneden en de vrouwen zitten boven (de vrouwen hebben alvast een beter zicht). Je krijgt een kartonnen ticketje dat ze met een soort gaatjesmaker afstempelen. Zo schattig. Het kabelliftje zelf is net zo cute als het personeel en de ticketjes.

De kabellift neemt je mee voor een ritje van 3 km en onderweg kom je voorbij een waterval. De Walensee zie je in de verte opduiken en de bergen van Pizol en Flumserberg reiken langs de andere kant uit. Dit is alvast de uitstap waard.

Wij maakten vandaag volgende wandeling: Rundwanderung Palfries – Stralrüfi – Palfries. Op het kaartje dat je beneden aan het bergstation vindt, is dit de rode wandeling. Onderweg kan je makkelijk de bordjes volgen. Aangezien het een rondwandeling is, kan je kiezen in welke richting je start. Wij gingen tegen de klok in want dan loop je eerst op een natuurweg (gras, stenen, rotsen) tot aan de Stralrüfi hut en wandel je tijdens het 2de deel op een asfaltwegje (nog steeds heel erg in de natuur hoor). Je kan ook kiezen voor de uitdagende versie (heen en terug langs de natuurweg) of de easy versie (heen en terug op de asfaltweg). Dat kies je maar in functie van de wandelaars die je bij je hebt die dag.

De rondwandeling is 7 km (heen en terug) en is een makkelijke wandeling. Zorg wel dat je goede schoenen aan hebt wanneer je voor de natuurweg kiest. Deze weg loopt echt onder de bergen (Churfisten) door. Heerlijk vind ik dit: een easy wandeling waarbij je toch helemaal het gevoel hebt in de bergen te zijn.

Je kan iets drinken onderweg in bergrestaurant Stralrüfi (halverwege de wandeling) of Berggasthaus Palfries. Wij kozen voor de laatste optie omdat die op 5 min. wandelen van het bergstation ligt en we dan zeker waren dat we het laatste liftje voor de middagpauze (de lift sluit tussen 12 uur en 13 uuur) zouden halen.

Ik vind deze wandeling opnieuw een absolute aanrader voor wie graag het berggevoel beleeft maar niet per sé het onderste uit de kan wil halen qua hiking experience. De wandeling kan je zeker maken met kinderen (wandelwagens zijn niet mogelijk op het natuurpad).

Tips and tricks 87: 14 daagse rondreis door Zwitserland

Sinds onze verhuis naar Zwitserland lieten vrienden en familie al vaker vallen dat ze een roadtrip door of een vakantie in Zwitserland wel zouden zien zitten. En heel recent vroeg een naast familielid mij of ik voor deze zomer wat wou helpen bij het samenstellen van een leuke vakantie. Toen dacht ik: als ik dan toch mijn energie hierin steek, kan ik het eigenlijk misschien beter delen met jullie…

Het gaat hier over een +/- 14-daagse rondreis door enkele highlights in Zwitserland. Mijn familieleden gingen in hun jeugdjaren op vakantie met de CM-vakanties naar Maloja en Schwarzsee en willen daar graag nog eens herinneringen ophalen. Vandaar dus ook mijn keuze om deze rondrit te maken.

Zij gaan de reis met een camperwagen maken. Je kan ook kiezen voor een tent, hotel, stacaravan,… volgens je eigen wensen. Je kan de vakantie korter of langer maken en je kan beslissen om bv. maar 2 stopplaatsen te doen.

Dit is een vakantie op maat van een familie met 3 kinderen/tieners waar ik zocht naar een combinatie van bergen, meren, wandelen, veeeeeeel zwemmen, mooie dorpjes bezoeken, een rodelbaan (moet je nu eenmaal gedaan hebben in Zwitserland)….

Voor verdere praktische tips mag je me altijd contacteren.

Nog een belangrijke: data in Zwitserland is heel duur dus je schakelt tijdens je reis best hierop over.

Hier gaan we dan:

Dag 1: Camper afhalen en inladen + tot aan de grens van Frankrijk/Zwitserland rijden

Dag 2: Rhine Falls bezoeken in de voormiddag (proberen daar vrij vroeg te zijn qua drukte) –  Bodensee camping (in het meer zwemmen bij aankomst of eerst nog Konstanz bezoeken – wij huurden al een paar keer een elektrisch bootje in Konstanz om op het meer te varen/pedalo kan ook)

Dag 3: Bodensee (bezoek Konstanz kan hier ook of wandeling langs het meer of deze wandeling – onderweg kom je mooie paalhuisjes tegen) 

Dag 4: Bodensee verlaten – Thalwil (uiteraard enkel voor wie ons een bezoekje wil brengen/anderen slaan dit stuk maar over). Hier is een bezoek aan de prachtige stad Zürich mogelijk.

Dag 5: Thalwil verlaten – Klöntalersee (onderweg naar de Klöntalersee eventueel stoppen in het prachtige dorpje Rapperswill = Brugge in Zwitserland + zwemmen in de gratis badi van Rapperswill met springplanken en een vlot enzo)

Dag 6: Klöntalersee (rondwandeling rond het meer = adembenemend)

Dag 7: Klöntalersee verlaten- naar Engadin omgeving rijden via Davos (je kan hier stoppen aan het meer of zwemmen in Klosters) en de Flüelapass = daguitstap met de camper/wagen

Dag 8: Engadin omgeving (Swiss National Park wandelingen (wandeling 2 is een topper), Albulapass, Sankt Moritz, Maloja, openluchtzwembad Zernez is ideaal na een wandeling in het Swiss National Park,…)

Dag 9: Engadin omgeving (bezoek Maloja bv)

Dag 10: Engadin omgeving verlaten – Lauterbrunnen/Interlaken 

Dag 11: Lauterbrunnen/Interlaken/Grindelwald/Brienz/Thun (Jungfrau region) –bv. Valleiwandeling Lauterbrunnen tot Stechelberg + bezoek Trümmelbachfälle (absoluut het bezoeken waard) en om af te sluiten bv zwemmen tussen de bergen

Dag 12: Interlaken/Grindelwald/Brienz/Thun (Jungfrau region) – Giesbachfälle Brienz/boottocht Brienzersee + Ballenbergmuseum (bokrijk van Zwitserland)

Dag 13: Jungfrau Region verlaten – Schwarzsee (wandeling rond het meer – Rodelbaan (zeer leuke en betaalbaar) – minigolf langs het meer)

Dag 14: Schwarzsee verlaten en terug richting België rijden

Dag 15: Camper proper terugbrengen 😉 en heel hard nagenieten van een vakantie in Zwitserland 

Hieronder enkele mogelijke campings waar je kan logeren tijdens deze rondreis:

https://nomady.ch/en-US/l/bodenseeblick-winterlishof/614e1771-17d6-459b-bd8d-091f1f1d1216 (Bodensee)

https://thurgau-bodensee.ch/de/maps/camping-fischerhaus-65ba0ad1-6b34-4c5c-86cd-4fa8ae8e0b5d.html (Bodensee – gratis toegang tot het openluchtzwembad)

https://thurgau-bodensee.ch/de/maps/camping-ruderbaum-4a235589-a961-4e9d-8038-f2783c981927.html (Bodensee)

http://zkgl.ch/vor.htm (Klöntalersee, deze kan je niet reserveren)

http://www.zkgl.ch/gtl.htm (Klöntalersee, andere kant van het meer en wel mogelijk te reserveren)

https://www.campingchapella.ch/ (Engadin)

https://camping-cul.com/ (Engadin)

https://www.camping-gravatscha.ch/en/ (Engadin)

https://camping-stmoritz.ch/ (Sankt Moritz)

https://www.camping-maloja.ch/ (Maloja)

https://www.campingjungfrau.swiss/ (Lauterbrunnen)

https://www.camping-alpenblick.ch/ (Interlaken)

https://www.tcs.ch/de/camping-reisen/camping-insider/campingplaetze/tcs-campingplaetze/campingplatz-boenigen-interlaken.php (Interlaken – Brienzersee)

https://www.manorfarm.ch/de (Interlaken – Thunersee)

https://www.camping-schwarzsee.ch/camping.shtml (Schwarzsee)

Tips and tricks 86: Road trip door de Grimselpass en Furkapass + bezoek Aareschlucht

Wanneer het buiten te warm is om de bergen in te trekken voor een klimmetje maar je toch het full-Switzerland gevoel wil ervaren, trekken wij er op uit met de wagen en maken we een road trip.

Enkele weken geleden reden we zo door de Klausenpass en de Albulapass (hier wil ik zeker nog eens terug want we waren eigenlijk gewoon op doorreis). Maar nu deden we dus de Grimselpass en Furkapass. Ik hou van de Zwitserse passen. Hoe prachtig is die natuur toch in die bergen en hoe fijn dat je zonder al te veel inspanning op een hoogte van bv. 2300 meter kan komen om al dat moois te bewonderen.

We vertrokken vanuit Thalwil en reden langs de autosnelweg naar Zug, Luzern, Sarnen over de Brünnigpass (wat eigenlijk nog een extra pas was maar minder spectaculair dan). Kort nadat je de Brünnigpass hebt beklommen, neem je de afslag naar Meiringen en stop je aan een heel bijzonder plekje, nl. Aareschlucht.

Wij parkeerden op parking West (die veel groter is dan parking Ost) en betaalden 10 Zwitserse Frank per volwassene (kinderen betalen 6.5 Frank en kinderen onder de 6 komen er gratis in). Voor de mensen met honden: die zijn welkom. Openingstijden (er zijn zelfs avondbezoeken mogelijk) en andere info vind je in de link hierboven.

Maar wat is Aareschlucht nu eigenlijk? Dat is een tot 200 meter diepe kloof uitgegraven in de kalkrotsen waartussen je kan wandelen dankzij vlonders en tunnels. De lengte is 1400 m (enkele richting) en het nauwste stuk van de kloof is slechts 1 meter breed. Met de speling van het licht en de zon waan je je ergens in Bali.

Na 1,4 km stappen op de houten vlonders en 1000 keer stoppen om de mooiste foto’s en filmpjes te maken bereik je parking Ost. Daar kan je iets te drinken kopen of een toiletbezoek inplannen. En daar heb je de keuze om terug te keren en al dat moois nog een keertje te bewonderen of je neemt het treintje dat via een tunnel door de rotsen rijdt. Het treintje is inbegrepen in de prijs van je dagticket. Wij zagen oudere mensen of toeristen met nog een hele planning het treintje nemen. Zelf keerden we terug langsheen we waren gekomen tot we parking West terug bereikten. Voor wie ooit al de Trummelbachfälle in Lauterbrunnen bezocht, dit is een beetje van dezelfde categorie.

Je kan ook een combinatieticket kopen om naast de Aareschlucht ook de Reichenbachfälle te bezoeken. Wij hebben het zelf niet gedaan omdat de Grimselpass en Furkapass nog op de planning stonden. Voor een combi-ticket betaal je dan als volwassene 18 Zwitserse Frank. De Reichenbachfälle ligt op 5 min. rijden van parking West. Het kabeltreintje van de Reichenbachfälle lijkt me wel heel charmant. Op de to do dus…

Na het stopje in Meiringen vervolgden we de trip langs Innertkirchen, Guttanen tot we het bergstation van de Gelmerbahn tegenkwamen (nabij hotel Handegg). Ojee, dit heb ik nooit eerder gezien. Ik waande me in één of ander attractiepark. Dit is absoluut geen gewoon kabelbaantje. Rollercoastergewijs stijg je in 12 minuten 106% richting een turquoise meer.

Op de website raden ze aan om je ritje te verzekeren door te reserveren. Wij waren er op een zondag en we konden nog ticketjes kopen maar als je tijdens een vakantieperiode zeker wil zijn, zou ik absoluut reserveren. Alle info hier. Opnieuw: kleine honden zijn toegelaten. En volgens wat ik lees, zou het uitzicht boven prachtig moeten zijn.

Maar ook dit toppertje hebben we helaas overgeslaan omdat we best nog wel een lange rit op de planning hadden staan door de 2 passen en Gust en Julia thuis bleven (jup, er moet ook wel eens gestudeerd worden in Zwitserland). Deze doen we dan graag eens met hen erbij. Een retourticket kost 36 Zwitserse Frank voor volwassenen, kinderen betalen 18 Frank en kinderen onder de 6 jaar gaan opnieuw gratis mee.

Maar niet getreurd, ons stopje daar was zeker niet zinloos. Je vindt aan de kassa’s van de Gelmerbahn namelijk de Handeckfallbrücke. Een spectaculaire hangbrug van 70 meter lang in een adembenemend kader. Wandel je van de kassa’s richting overkant, vergeet dan zeker niet wat verder te stappen naar de Alpkäserei om wat vers gemaakte kaas te kopen of natuurlijk een heerlijk ijsje zoals wij deden. Je kiest daarna of je terugkeert naar de wagen via de hangbrug of via hotel Handegg.

Kleine noot: in principe zou een daguitstap hier kunnen eindigen en zou je van hieruit terug kunnen keren richting huis. Dit zal zeker al meer dan een dagvullend programma zijn maar wij reden natuurlijk niet zo ver om dan de passen uiteindelijk niet te doen. Dus het zal een beetje kiezen zijn. Ofwel doe je vooral de attracties ofwel doe je net als ons Aareschlucht, de hangbrug en dan de passen.

Wij vervolgden onze trip en begonnen kort na de Gelmerbahn en hangbrug aan de echte Grimselpass. En zoals het hoort bij road trips stop je natuurlijk zelf hoe vaak en waar je wil. Foto hier, video daar, vele waws en oooh en aaaah. Gewoon genieten zou ik zeggen. Vergeet zeker niet uit te stappen aan de stuwdam en een kort wandelingtje te maken naar de andere kant van de brug op de dam. Prachtig uitzicht daar.

Na het klimmen en terug afdalen van de Grimselpass kozen wij in Gletsch richting Furkapass. Opnieuw hetzelfde verhaal. Stoppen wanneer je wil, bewonderen, verwonderen en genieten. Doe het op je eigen tempo. Hier mag een stopje aan het welgekende (ik zag het meermaals op Zwitserland foto’s en blogs verschijnen) hotel Belvédère niet ontbreken. Het hotel is gesloten en lijkt zijn beste tijd te hebben gehad maar de ligging is prachtig.

Op weg naar het hotel kom je ook een scenic viewpoint tegen van waar je de Rhone glacier kan zien. En naast hotel Belvédère kan je een ijsgrot bezoeken maar die zou pas binnen een weekje (wij waren er 11 juni 2023) open gaan. Die ijsgrot zag er wat toeristisch uit van buitenaf maar laat me gerust weten als het de moeite waard is om binnen te gaan.

Wij gleden zachtjes verder over de haardspeldbochten genietend van al dat moois onderweg. Nog een stopje op het hoogste punt waar ook de ‘Grand tour’ fotoplaats is. Hoe heerlijk dat je met je eigen wagen tot op 2300 meter hoogte kan rijden. Wisten jullie trouwens dat de Furkapass bekend werd in de James Bond film Goldfinger?

Uiteindelijk reden we via Realp, Hospental (waar ook het kleinste dorpje van Zwitserland ‘Zumdorf’ zich bevindt) om zo aan te komen in Andermatt.

In Andermatt kan je nog de Teufelsbrücke bezoeken maar wij reden langs de Gotthardstrasse (stukje van de Gotthardpass) richting Erstfeld om nog een allerlaatste stop te maken.

Ik ging namelijk de week voor deze road trip hiken met een groep Amerikanen die heel verwonderd waren dat ik na 3,5 jaar in Zwitserland nog nooit was gaan eten bij Pouletburg. En nu waren we daar toch niet in de buurt zeker? Je eet er dus het huisgerecht ‘Poulet in Chörbli’ (of te: kip in een mandje) overgoten met een heerlijk sausje (kiezen uit mild, middelpikant of pikant, wij kozen mild) dat het huisgeheim is van de eigenaar. Kleine tip: je krijgt geen bestek en ze vragen om cash te betalen.

Met een buikje vol en nagenietend van de kip in het mandje reden wij huiswaarts langs Flüelen, Sisikon, Brünnen, Arth-Goldau, Zug,… en zo terug richting Thalwil.

Op 1 dag zoveel moois en zoveel nieuws. Het voelt alsof we een week op vakantie waren, en dat op 1 dag…

Ik zou zeggen, deel zelf wat in wat je wil doen of doe de trip desnoods op 2 dagen als je alle kloven, bruggen, kabelbaantjes en passen wil combineren natuurlijk.

Ik wens jullie alvast een schitterende trip…. zelf nog steeds aan het nadromen…